Geen bewijs voor gedwongen adoptie vanaf jaren vijftig

In oktober 2014 besteedde het programma Brandpunt een uitzending aan misstanden bij adoptie binnen Nederland vanaf de jaren vijftig. Daarin werd gesteld dat er sprake was van duizenden gedwongen adopties. Een team van de Radboud Universiteit deed in opdracht van het ministerie van Justitie nader onderzoek en vond daar geen bewijzen voor. Wél was er sprake van informele dwang voor de (vaak ongehuwde) vrouwen om hun kind af te staan.

‘In totaal zijn er tussen 1956 en 1984 zo’n 15 duizend kinderen afgestaan door ongeveer 13 duizend ‘afstandsmoeders’. Precies weten doen we het niet, omdat het slecht geadministreerd werd’, zegt één van de betrokken onderzoekers, historica Nynke van den Boomen. ‘Vooral het perspectief van de afstandsmoeder is een onderbelicht hoofdstuk in de Nederlandse adoptiegeschiedenis, we wisten er tot op heden nog veel niet van. Daar ligt dan ook de nadruk van ons onderzoek.’

Afstandsmoeders voor het eerst aan het woord

Het onderzoek naar de geschiedenis van adoptie tussen 1956 (de Adoptiewet) en 1984 (het jaar dat abortus werd gelegaliseerd) werd in opdracht van het WODC van het Ministerie van Justitie en Veiligheid opgezet naar aanleiding van het tumult dat de Brandpuntuitzending veroorzaakte. Naast de afstandsmoeders spraken de onderzoekers ook met afstandsvaders, afgestane kinderen en oud-hulpverleners.

Taboe

In de adoptieprocedure hadden de biologische ouders een ondergeschikte rol en ze hadden nauwelijks rechten: een traumatische ervaring voor velen van hen. Van den Boomen: ‘Ze omschrijven het afstaan van hun kind ter adoptie als het zwartste moment uit hun leven. En omdat het onderwerp taboe was, konden ze er zelf vaak ook niet over praten, soms met ingrijpende gevolgen als depressie en burn-out.’

Geen formele, wel informele dwang

Hoewel de onderzoekers geen bewijzen vonden voor formele dwang om een kind af te staan, was er vaak wel duidelijk sprake van informele dwang: dominees, ouders en maatschappelijk werkers zetten druk op de (vaak ongehuwde) biologische moeder om de weg van adoptie te bewandelen.

Aanbeveling: open adoptie

Op basis van hun onderzoek kunnen de historici in elk geval een duidelijke aanbeveling doen over de vorm adoptieprocedures: ‘open adoptie’, waarbij de mogelijkheid tot contact met de biologische ouders open wordt gehouden, blijkt, terugkijkend, voor alle partijen het meest wenselijk.
Van den Boomen: ‘En het is vooral ook erg belangrijk om de stilte rond dit onderwerp blijvend te doorbreken en ruimte te geven aan de afstandsmoeders en –vaders in ons maatschappelijk bewustzijn.’

Publicatie

Meer weten? Neem contact op met

Nynke van den Boomen
[email protected]

Wetenschapscommunicatie Radboud Universiteit
[email protected]
(024) 361 60 00

Bron: Radboud Universiteit