Ruim 400.000 euro voor niet-commutatieve meetkunde

Datum bericht: 16 mei 2017

Niet-commutatieve meetkunde, de expertise van Walter van Suijlekom, is een vakgebied dat bij uitstek geschikt is om de werelden van de wis- en natuurkunde met elkaar te verbinden. Van Suijlekom is mathematisch fysicus aan de Radboud Universiteit, en ontvangt ruim 400.000 euro subsidie van NWO waarmee hij het niet-commutatieve meetkundige deeltjesmodel volledig gaat analyseren.

Kort samengevat houdt de niet-commutatieve meetkunde zich bezig met berekeningen waarvan de volgorde verschil maakt in de uitkomst: A x B is dus niet perse hetzelfde als B x A. Walter van Suijlekom gebruikt het bijvoorbeeld op het gebied van de kwantumzwaartekracht, een theorie die de kwantummechanica en de relativiteitstheorie combineert en waarmee natuurkundigen bijvoorbeeld zwaartekracht op het allerkleinste niveau (de Planck-schaal van 10^(-35) meter) proberen te begrijpen.

Voorbij het Standaardmodel met niet-commutatieve meetkunde

Het zogenoemde niet-commutatieve meetkundige deeltjesmodel verbindt het concept van gekromde ruimtetijd met andere fundamentele interacties in de natuur. Het doel van Van Suijlekom’s nieuwe project is om het model en zijn natuurkundige consequenties volledig te analyseren en begrijpen. Daardoor kan de theorie uiteindelijk worden vergeleken met experimenten bij CERN.

Meer informatie over het onderzoek van Walter van Suijlekom.

Met de nieuwe subsidie kan Van Suijlekom een extra promovendus en postdoc onderzoeker aannemen. Daarnaast is er ruimte voor het inschakelen van een gastonderzoeker voor maximaal zes maanden.

Het project van Walter van Suijlekom, getiteld ‘Voorbij het Standaardmodel met niet-commutatieve meetkunde’ is een van de acht voorstellen die gehonoreerd zijn in de NWO Natuurkunde Projectruimte. Deze subsidies zijn speciaal bedoeld voor kleinschalige projecten voor fundamenteel natuurkundeonderzoek met een vernieuwend karakter en wetenschappelijke, industriële of maatschappelijke urgentie.

Meer informatie? Neem contact op met:


Bron: Radboud Universiteit