Horecaondernemer Ferry Straatman: “Geen perspectief hebben, is slopend”

Foto: Privé

Vanaf zijn veertiende is Ferry Straatman in de horeca blijven hangen. In juni 2019 kreeg hij samen met oud-collega Moreno de sleutel en zijn ze samen met restaurant De Heeren van Berg en Dal gestart. Wat succesvol begon, is sinds de twee lockdowns geëindigd in een schuld van ruim 20.000 euro, slapeloze nachten en de angst dat hij en zijn vriendin op straat komen te staan. Hoe is het om in deze coronatijd horecaondernemer te zijn? In de rubriek Een ander geluid: Ferry Straatman.

Er moest nog veel geklust worden, dus het restaurant was in het begin vijf avonden in de week open. “We hebben de maanden oktober, november en december 2019 gebruikt om naam te maken. Het was in die tijd nog niet echt druk, maar de reacties waren zeer positief. Het werd in januari en februari steeds drukker en het ging de goede kant op.” En toen moesten ze sluiten vanwege de eerste lockdown. “Dat was pijnlijk, maar ik begreep het wel. Ik dacht: oké, we gaan drie weken dicht, dat moet dan maar. Ik zag corona als een serieus gevaar.”

Hij was zelf niet bang om ziek te worden, maar dacht wel aan de ouderen. “’De overheid en de media schetsten de indruk dat het heel gevaarlijk was en de cijfers zeiden dat ook. Ik had dus wel begrip voor deze keuze. Drie weken werden uiteindelijk tien weken en na die eerste drie weken kreeg ik het gevoel dat dit allemaal overbodig was. Het virus was niet zo heftig als ze vertelden en ik vroeg me af of het allemaal wel klopte wat er in de media werd gezegd. Inmiddels weet ik dat het niet helemaal klopt, bijvoorbeeld dat het virus voor iedereen gevaarlijk is. Je kan overal ziek van worden, dat is niets bijzonders. De kans dat je onder de zestig overlijdt door corona, is heel klein. Maar zo werd het niet gebracht en dat maakt mensen bang.”

“Dat was wel een klap in mijn gezicht”

De eerste lockdown heeft Ferry en Moreno vierduizend euro per week gekost, gaandeweg werd dat iets minder. In juni mochten ze met dertig man weer open en na een maand werden dat er honderd op anderhalve meter afstand. “Vanaf dat moment zaten we vrijwel elke avond vol met 45 gasten. We hebben in die tijd veel openstaande schulden van de eerste lockdown kunnen betalen. Daar hebben we vrijwel de hele zomer voor gewerkt. En toen was het half oktober en moesten we weer dicht. Dat was wel een klap in mijn gezicht. Er waren bijna geen besmettingen in de horeca en je zag de thuisbesmettingen oplopen. Waar zijn we dan mee bezig?”

Een week na de tweede sluiting hadden ze alles dusdanig georganiseerd dat het mogelijk was om af te halen en te bezorgen. “Dat betekent dat je je website moet aanpassen, verpakkingsmateriaal moet inslaan, vervoer regelen, het kost allemaal geld. In december bleek het zoveel geld te kosten dat we voor drie maanden bezorgen en afhalen 20 euro overhielden. En dan moesten we de benzine nog betalen. Dit heeft ons dus geld gekost, want we maakten een klein beetje omzet, waardoor we werden gekort in de steun.”

Na de kerst zijn ze definitief dicht gegaan, hebben ze hun vaste medewerker ontslagen en zit Ferry thuis. “Sindsdien ga ik tegen zes uur naar bed. De slapeloze nachten zijn heftiger geworden. Je wilt perspectief hebben en dat probeer je voor jezelf te creëren, maar dat lukt niet. Je moet wachten op de overheid, totdat die zegt dat je weer open mag. Mijn doel is me afgepakt. Als ze ons een datum zouden geven, dan en dan mag je weer open, dat zou mentaal zoveel schelen. Dat uitstellen en verlengen, daar word ik helemaal gek van. Ik heb vrijwel niets te doen, ik hang op de bank.”

Hoe zit het met de steun vanuit de overheid? “Tijdens de eerste lockdown hebben we steun gekregen, vier duizend euro voor tien weken sluiting. We hebben verder geen tegemoetkoming (TVL) voor onze vaste lasten gekregen omdat we starters zijn en dus geen omzet hebben van het jaar ervoor. Tijdens de tweede lockdown kregen we wel iets van TVL, maar ook niet veel, omdat onze omzet laag was tijdens de eerste drie maanden na opening. Tijdens deze tweede sluiting hebben we tot nu toe zesduizend euro gekregen.”

“Het is echt die onzekerheid waar ik gek van word”

Hoeveel rekeningen staan er open? “Dat wil je niet weten. We lopen nu al met de huur zo’n twaalfduizend euro achter, en dan staan er nog kleinere rekeningen open. Ik denk dat met de belasting die nog uitstaat er nu ruim twintigduizend euro openstaat. We krijgen nog één keer zesduizend euro, als het goed is. Ik zit hier privé in, dus als het misgaat, moeten we ons huis verkopen en staan we met z’n tweetjes op straat. Daar houd ik wel rekening mee, maar daar lig ik niet wakker van.” Waarvan wel? “De onzekerheid. Ik weet niets, ook niet of ik failliet ga. Als ik dat zou weten, dan kan ik een plan maken. Maar nu kan ik niets. Het is echt die onzekerheid waar ik gek van word.”

Ferry woont samen met zijn vriendin die kapster was, maar inmiddels in de thuiszorg werkt. “Ik krijg bijstand, maar omdat mijn vriendin net iets onder het bijstandsniveau verdient, kreeg ik de laatste keer 9 euro. De keer ervoor kreeg ik niets, omdat ze extra uren had gewerkt. We redden het hier niet mee, dus we hebben onze hypotheek op pauze gezet. Dat moeten we straks ook nog terugbetalen.”

Hij is kritisch op het beleid en dat is zacht uitgedrukt. “Ik kan de onderbouwing echt niet meer volgen. Ik heb het gevoel dat er geen rekening wordt gehouden met de schade en dat de maatregelen er gewoon doorheen worden gedrukt. Het is alleen maar corona dit en corona dat, alsof de rest van de wereld niet meer bestaat. Ik denk dat de coronamaatregelen veel meer schade toebrengen dan corona zelf. Ik volg alles wat er te vinden is, ik heb tijd zat. Ik luister, ik lees rapporten, maar ik snap het niet meer. Er zit geen logica in. Omdat mensen ziek worden, vind ik geen reden voor het nemen van dit soort maatregelen. Ik denk dat we nu veel meer mensen aan het ziek maken zijn. Ik ken veel jongeren en die zie ik steeds depressiever worden. Een kennis van mij heeft zelfmoord gepleegd, die was taxichauffeur. Hij was alleenstaand en raakte volledig in een isolement.”

“Als je naar de tv kijkt, word je als een kind behandeld”

De media is volgens hem bezig om mensen in angst te houden en dat vindt hij niet gegrond. “Ik weet dat dit een deel van het beleid is, anders houden mensen zich niet aan de maatregelen. Als je naar de tv kijkt, word je als een kind behandeld. We zijn nu weer weken verder en er is niets veranderd. Ze roepen dat als we niet uitkijken we op 170.000 besmettingen per week zitten. Het is allemaal op angst gebaseerd, nu ook weer met die Engelse variant.”

Hij is niet altijd de vrolijkste thuis, maar zijn vriendin houdt het nog wel met het hem vol. Zij verdient een pluim. “Zij verdient zeker een pluim. Dit is niet goed voor je relatie, maar ja, dit is nergens goed voor. Ik word geen vrolijker persoon van de hele dag thuiszitten. Ik werkte altijd tussen de zestig en tachtig uur per week. Ik heb wel gesolliciteerd, maar de zaak zit te veel in mijn achterhoofd. En daarbij, als we weer open mogen, moet ik gelijk aan de slag. Geef een datum waarop we weer open mogen, dat is het enige dat ik vraag. Geen perspectief hebben, is slopend. Ik sta met mijn rug tegen de muur en het is wachten totdat iemand de trekker overhaalt, zo voelt het.” Zie je het leven nog wel zitten? “Ja, het leven zie ik nog wel zitten, maar om het weer recht te krijgen, gaat jaren duren.”

“Op deze wereld wil ik geen kinderen neerzetten”

Is er nog iets wat je wilt zeggen? “Ik vind het echt niet normaal wat er met de kinderen gebeurt. Dit heeft niets met de horeca te maken en ik heb zelf geen kinderen, maar wat we daar nu mee doen, dat kan niet. Mogen ze eindelijk weer naar school, moeten ze allemaal een staafje in hun neus douwen als een kind positief is getest. Dat gaat er bij mij niet in. Dit is een probleem van de volwassenen, laten we de kinderen hier niet mee lastigvallen. Ik ben blij dat ik geen kinderen heb, want zo ga je niet met ze om. Op deze wereld wil ik geen kinderen neerzetten.”