Als
we weten hoe neurodegeneratieve ziektes als ALS precies verlopen in
fruitvliegjes, dan zouden we ook meer kunnen leren over hoe deze ziektes
bij mensen verlopen.
Uit onderzoek van neurobioloog Marije Been van de
Radboud Universiteit blijkt dat de vorming van bepaalde eiwitklontjes
het begin van ALS zou kunnen zijn. Ze promoveert op 21 oktober op dit
onderwerp. 75 procent van de genen die in mensen bij ziektes
betrokken zijn, zijn ook in vliegen aanwezig. Daarom zijn fruitvliegjes
zeer geschikt om te onderzoeken hoe bepaalde ziektes ontstaan en
verlopen. Voor haar promotie gebruikte Marije Been fruitvliegjes om
onder andere te onderzoeken hoe een bepaalde vorm van ALS ontstaat en
verloopt. ‘Het gaat om een zeldzame erfelijke variant van ALS waarbij er
mutaties in het FUS-gen (fused in sarcoom). Deze variant treft vaak
tieners, terwijl de meeste mensen die ALS krijgen, 40-plus zijn.’
Eiwitklontjes
Been
vermoedde dat een deel van het FUS-eiwit ervoor zorgt dat er
eiwitdruppeltjes ontstaan in een cel, die vervolgens tot klontjes
leidden die bij ALS-patiënten niet meer verdwijnen. Uit eerder onderzoek
bleek dat deze klontjes ook te vinden waren in het brein van overleden
ALS-patiënten. ‘Die druppeltjes worden bij iedereen gevormd bij stress,
maar als de stress weg is, verdwijnen die druppeltjes weer. Bij
ALS-patiënten werkt dat anders.’ Door te kijken hoe dit ontstaan en
verdwijnen bij vliegen werkt, kon ze iets zeggen over hoe het bij mensen
zou kunnen werken. Haar vermoeden bleek deels te kloppen. ‘In
het FUS-eiwit in fruitvliegjes ontbreekt het deel van het menselijk
FUS-eiwit dat nodig is voor de vorming van eiwitdruppeltjes. Als we dit
deel van menselijk FUS inbrachten in het fruitvlieg FUS-gen, zagen we
dat er druppeltjes en klonten gevormd werden, zoals bij ALS. We zagen
ook in hun gedrag terug dat ze kenmerken van ALS hadden: ze klommen
bijvoorbeeld minder snel omhoog in een reageerbuisje.’
Genezing
De
klontvorming van eiwitdruppeltjes zou dus iets te maken kunnen hebben
met het ontstaan van ALS. ‘Uiteraard moeten we dit in mensen gaan
onderzoeken, maar het lastige aan ALS is dat de ziekte vaak al
vergevorderd is, voordat mensen symptomen krijgen. Je weet dus niet of
iemand ALS gaat krijgen, behalve als het om de erfelijke variant gaat.’
Meer onderzoek is nodig, maar dit kan wel gaan helpen om ALS beter te
begrijpen. ‘Uiteindelijk kunnen alle kleine puzzelstukjes samen ertoe
leiden dat we ALS kunnen genezen.’
Meer weten? Bekijk de video
Meer weten over Marije's onderzoek? Kijk dan de
video van de Universiteit van Nederland met haar in de hoofdrol.