
Nijmegen is van en voor iedereen. In Nederland heeft 1 op de 8 mensen een lichamelijke beperking, jong en oud. Zij kunnen bijvoorbeeld niet goed bewegen, horen of zien.
De een wordt daardoor nauwelijks gehinderd om deel te nemen aan het dagelijks leven, de ander ervaart letterlijk of figuurlijk juist grote drempels. En als mensen een dagje ouder worden, groeit het aantal dat hinder ondervindt. Het betekent dat we onze stad zó moeten inrichten, dat iedereen overal kan komen, mee kan doen en zich er goed voelt. Dat klinkt logisch, maar het is niet zo makkelijk als het lijkt. Het vraagt denkwerk, regels en richtlijnen, en vooral goed luisteren en naar de praktijk kijken. Het gaat niet alleen om inrichten; ook om gedrag en gevoelens van mensen en het afwegen van belangen. We kunnen brede, toegankelijke voetpaden intekenen in onze plannen, maar soms staat er toch een oude boom in de weg. Of iemand zet een fiets of plantenbak voor zijn deur. Als we een park of plein inrichten, willen we dat zoveel mogelijk bewoners er gebruik van kunnen maken en zich er fijn en veilig voelen. Toegankelijkheid houdt bovendien niet op bij de deur: ook in een winkel, café, concertzaal of bedrijf vraagt dit aandacht van ons allen. Het is soms een ingewikkelde, maar belangrijke puzzel.
Deze week ging Muzieum weer open na een verbouwing. Bent u er wel eens geweest? Jaarlijks ervaren tienduizenden bezoekers hier wat het betekent om te kunnen zien en niet te kunnen zien. Het unieke aan dit museum is dat je er niet alleen kijkt, maar dat beleven centraal staat. Er werken er ook mensen die ervaringsdeskundig zijn. Beleving draagt bij aan meer begrip voor mensen met een visuele beperking. Want als je alleen van een afstand naar een ander kijkt, betekent dat niet dat je hem echt ziet. Ook wij bedenken bij de gemeente soms met de beste bedoelingen wat ‘toegankelijk’ is. Maar om dat echt te ontdekken, moeten we goed luisteren om te begrijpen wat Nijmegenaren nodig hebben.
Zo was er een tijd terug een bijeenkomst met buurtbewoners over een nieuwe speeltuin. De moeder van een kind dat in een rolstoel zit, vertelde hoe het is om niet écht mee te kunnen doen met spelen. Bij de inrichting is nu ook rekening gehouden met kinderen met een beperking, zodat dit echt een speeltuin voor iedereen. Brede paden, ruimere speelhuizen waar een rolstoel ook goed in kan keren, schommels en klimrekken waar ieder kind mee kan doen en met elkaar kan spelen. We kunnen veel drempels verlagen, als we oog hebben voor elkaar.
Ervaart u hindernissen of heeft u ideeën voor een beter toegankelijke buurt? Laat het ons weten, bijvoorbeeld via Meld & Herstel.